1
In de kamer
de
bank
Voorbeeldzin
Meervoud
Woorden
tik een woord aan — blauw is de, roest is hetWoordenlijst
alles wat je voor Thema 5 moet kennenDe of het?
Twee regels die bijna altijd kloppen
- Elk verkleinwoord op -je is het: het kopje, het nachtkastje, het tafeltje.
- Elk meervoud is de: de banken, de ramen, de boeken — ook als het enkelvoud het was.
- Ongeveer twee op de drie woorden zijn de-woorden. Twijfel je? De is de betere gok.
Staan · liggen · hangen · zitten
Nederlands zegt zelden alleen “there is” — het zegt hoe iets in de kamer staat.
Let op — dit wordt getest
Er staat een stoel. — 1 ×
Er staan twee stoelen. — 2 ×
Het boek ligt op de tafel. — plat
De tv hangt aan de muur. — vast
Waar? — voorzetsels
Where is it? — prepositions of place